Nieuwgrieks, Vormleer en Zinsleer

Bezoek ook: www.woordenlijstnieuwgrieks.nl
Nieuwgrieks, Vormleer en Zinsleer
Bezoek ook: www.woordenlijstnieuwgrieks.nl

©

 
◄*     ►*   ▲**
direct naar: Grammatica    Klankleer    Vormleer    Zinsleer
direct naar: Grammatica    Klankleer    Vormleer    Zinsleer
Grammatica//Synt/SyntBijz/SyntBijzComp1Na>

Complementszin


Na een werkwoord dat een wil, wens, mogelijkheid of noodzaak uitdrukt begint de bijzin veelal met να

In het Nederlands volgt vaak een beknopte bijzin met het werkwoord in de onbepaalde wijs (infinitief).
Afhankelijk van het karakter van de wil/wens, mogelijkheid of noodzaak, kan het werkwoord van de bijzin in de coniunctivus, de indicativus staan.
Gaat het in het bijzonder om een onvervulde of onvervulbare wens, een onuitgevoerde of onuitvoerbare handeling dan staat het werkwoord in het paratatikos.
Gaat het om een (on)waarschijnlijkheid, vaak in combinatie met een onpersoonlijk πρέπει (het is nodig dat), μπορεί (het is mogelijk dat/ het zou kunnen dat) of φαίνεται (het schijnt dat/het lijkt erop dat), dan staat het werkwoord ook in de indicativus.
In alle overige gevallen staat het werkwoord in de coniunctivus en wordt het dus verder niet gemarkeerd qua tijd.
 

wens

/

wil

παρακαλώ
μπορώ
ελπίζω
προτιμάω
θέλω
απαγορεύω
ζητάω
verzoeken
kunnen
hopen
liever willen
willen
verbieden
vragen
noodzaak
/
mogelijkheid
μπορεί
πρέπει
είναι πιθανό
het kan
het moet (haast wel)
het is waarschijnlijk dat


Wenszin ingeleid door να, werkwoord in de coniunctivus

wens σε παρακαλώ να έρχεσαι στην ώρα σου. ik verzoek je voortaan op tijd te komen.
wil μας απαγόρευσαν να μπούμε μέσα. ze verboden ons naar binnen te gaan.
wens ελπίζουμε να μην της πείτε τίποτα. we hopen dat jullie haar niets vertellen.
wens θέλει να έρθεις κοντά της. ze wil dat je (dicht)bij haar komt.
noodzaak πρέπει να φύγω αμέσως. ik moet onmiddellijk weg.
wens μπορείς να περιμένεις μια στιγμή; kun je even wachten?


Onvervulbare wens of onuitvoerbare handeling gevolgd door να, werkwoord in het paratatikos

verleden, onuitgevoerd έπρεπε να ήσουν κι εσύ εκεί. jij had daar ook moeten zijn.
heden, onuitgevoerd θα έπρεπε να ήταν κι αυτή εδώ. zij zou hier eigenlijk ook moeten zijn.
verleden, onvervulbaar ήθελα να με καταπιεί η γη. ik had wel door de grond willen zakken (lett.: dat de aarde me verzwolgen had).
heden, onvervulbaar θα ήθελα να με καταπιεί η γη. ik zou wel door de grond willen zakken (lett.: dat de aarde me zou verzwelgen).


Mogelijkheid die (on)waarschijnlijk is gevolgd door να, werkwoord in het indicativus


Het werkwoord waar de να-constructie van afhangt, is onpersoonlijk:
πρέπει (het is nodig dat), μπορεί (het is mogelijk/het zou kunnen dat) en φαίνεται (het schijnt/ het lijkt erop dat).

Vergelijk:


waarschijnlijkheid, indicativus noodzaak/ mogelijkheid, coniunctivus
aoristos πρέπει να έφυγε γύρω στις δυο. hij moet rond een uur of twee weggegaan zijn. πρέπει να φύγει  στις δυο. hij moet om twee uur weggaan.
perfectum πρέπει να έχει αρχίσει κιόλας η παραστάση. de voorstelling moet al aan de gang zijn. πρέπει να αρχίσεις στις εννέα. je moet om negen uur beginnen.
paratatikos μπορεί να ήμουν άρρωστη εκείνη την μέρα. het kan zijn dat ik op die dag ziek was. μπορείς να μου  φέρεις μια κόλλα; kun je me een vel papier brengen?
aoristos μπορεί να μην το πήραν ακόμα το γράμμα. misschien hebben ze de brief nog niet ontvangen.    



Να
volgt ook wel in speciale gevallen na werkwoorden waarbij normaliter het voegwoord ότι/πως  of μη(ν)/μήπως of που wordt gebruikt


Dit wordt ofwel veroorzaakt doordat de betekenis van de zin een speciale gevoelswaarde heeft, ofwel doordat het werkwoord verschillende betekenissen heeft.


ότι/πως
volgt over het algemeen een werkwoord dat een feitelijkheid uitdrukt; is er echter sprake van twijfel of (onwaarschijnlijkheid) dan volgt να.
Bijvoorbeeld: πιστεύω (geloven) zal over het algemeen gevolgd worden door ότι/πως

ότι/πως πιστεύω ότι είναι αθώα. ik geloof dat zij onschuldig is. (het feit)
να δεν πιστεύω να τα έμαθε τα νέα. ik geloof niet dat hij het nieuws gehoord heeft. (ik twijfel er aan)

 

μη(ν)/μήπως volgt over het algemeen een werkwoord dat een vrezen uitdrukt.
Φοβάμαι in de betekenis van 'niet durven om' wordt echter gevolg door να.

μη(ν)/μήπως φοβάται μήπως τον δουν. hij is bang dat ze hem zien.
να φοβάσαι να πηδήξεις; durf je niet te springen?

 

που volgt over het algemeen een werkwoord dat een emotie of zintuigelijke waarneming uitdrukt; is er echter sprake van twijfel of (onwaarschijnlijkheid) dan volgt να.
Bijvoorbeeld: βλέπω zal over het algemeen gevolgd worden door που

που βλέπω το τρένο που ξεκινάει. ik zie de trein vertrekken (/die vertrekt). (ik zie het vertrek van de trein)
να βλέπω το τρένο να ξεκινάει. ik zie de trein vertrekken. (ik zie de trein wegrijden)


Ten gevolge van een bijzondere betekenis van de zin, kan het echter ook voorkomen dat een werkwoord waarbij normaliter να wordt gebruikt, toch door μη(ν)/μήπως of ότι/πως
of που wordt gevolgd.


Bijvoorbeeld: ελπίζω (hopen) zal over het algemeen gevolgd worden door να

ότι/πως ελπίζω ότι πέρασες ωραία στις διακοπές. ik hoop dat je een fijne vakantie hebt gehad. (accent op het totale feit van een fijne vakantie)
να ελπίζω να είστε  καλά. ik hoop dat het goed met u gaat. (accent op het voortdurende goedgaan)

 

 


© Auteursrecht voorbehouden. Zie pagina Copyright

  

Betekenis:
Betekenisleer

l

Zin:
Zinsleer

l

Woord:
Woordleer

l

Letter:
Alfabet

l

Klank:
Uitspraak

     

*

*

*

*

   

+

+

 

De bovenstaande zwarte sterren geven van elke pagina het niveau aan.

1 ster: beginnersniveau
2 sterren: gevorderden-niveau
3 sterren: studieniveau

1 plus: beschouwing
2 plussen: overzicht

Toelichting werkwoordsvormen:

μπούμε < μπαίνω - binnengaan
πείτε < λέω - zeggen
έρθεις < έρχομαι - komen
φύγω < φεύγω - weggaan
έπρεπε < πρέπει < moeten
ήσουν < είμαι - zijn
ήταν < είμαι - zijn
ήθελα < θέλω - willen
καταπιεί < καταπίνω - verzwelgen
έφυγε < φεύγω - weggaan
έχει αρχίσει < αρχίζω - beginnen
ήμουν < είμαι - zijn
πήραν < παίρνω - ontvangen
έμαθε < μαθαίνω - vernemen
δουν < βλέπω - zien
πηδήξεις < πηδάω - springen
πέρασες < περνάω - doorbrengen